Dirk Van Mechelen

Viceminister-president van de Vlaamse Regering

Vlaams minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening

Vertrouwen in de Toekomst - Marmeren Zaal Antwerpse Zoo

22 januari 2009,

Dames en Heren,
Beste vrienden,

Soms lijkt het alsof de opeenvolgende jaren geruisloos in elkaar overlopen. Zonder veel verandering. Zonder grote schokken. Maar af en toe in een generatie, is er een jaar dat echt alles op zijn kop zet. Waarin een tijdperk wordt afgebakend en een nieuwe toekomst lonkt. 2008 was zo een jaar.

De wereld wordt meegesleurd in een diepe crisis. Een crisis die in de eerste plaats financieel en economisch van aard is. Wat begon met hebzucht, overmoed en de schijnbare ongenaakbaarheid van goeroes uit de financiële sector, leidde in een verschroeiend tempo tot een mondiale recessie.

Maar deze crisis is méér dan alleen economisch van aard. Ze luidt ook een kantelmoment in op politiek en maatschappelijk vlak. De aanpak verandert snel. “Back to the basics”. Terug met de voeten op de grond. “Degelijk”, “ernstig” en “realistisch maar ambitieus” worden terug waarden in de politiek.

Ik ben er van overtuigd dat we de cultuur van het mateloze opbod van de “ego’s”, van de oneliners, van het vrijblijvend praten zonder correct de gevolgen in te schatten… finaal achter ons kunnen laten.
Er is nu een tijd van hoop en samenwerking aangebroken. Dit geldt uiteraard niet alleen voor politici. Het geldt voor ons allemaal. Alleen samen geraken we uit de crisis. Met gedurfde creativiteit, met een tomeloze inzet, met een onstuitbaar doorzettingsvermogen en vooral met een grote verantwoordelijkheidszin. Met andere woorden, door opnieuw met z’n allen samen aan politiek te doen, in de authentieke betekenis van het woord.

Wat we vandaag nodig hebben, doet sterk terugdenken aan wat de jonge Teddy Roosevelt, meer dan 125 jaar geleden, op 26 januari 1883 zei. Hij hield toen een vurig pleidooi voor meer burgerschap en politiek. Zijn woorden waren niet alleen voor de politieke scène bestemd, maar wel voor alle Amerikaanse burgers. Elke burger, zo zei hij, had de plicht om zich te engageren. Om zijn taak in de gemeenschap op te nemen en om zijn of haar bijdrage te leveren aan “het goed bestuur”.

Aan politiek doe je immers niet alleen. Je doet het vanuit je overtuiging, maar in de eerste plaats samen met anderen, op zoek naar raakvlakken en oplossingen. Het streven naar het juiste compromis is immers essentieel in onze democratie.

Van een Amerikaanse Assembly naar deze Marmeren Zaal in Antwerpen, is in feite maar een kleine stap.
De woorden van Roosevelt vormen een leidraad die ik persoonlijk al mijn hele leven tracht te volgen en die voor ons allen een gids kan zijn om te bouwen aan de toekomst: werk hard, werk doeltreffend en bovenal, werk samen.

Sta me toe deze opdracht te vertalen naar het Vlaanderen anno 2009. Een Vlaanderen dat zich aan het einde van een boeiende legislatuur bevindt, maar dat ook aan de vooravond staat van een ongetwijfeld complexe – maar daarom ook zo uitdagende –nieuwe regeerperiode.

Vlaanderen mag niet blijven steken in de vorige eeuw. Ook al was de tweede helft ervan bijzonder succesvol. Vanuit een historisch perspectief hebben we enkele gouden decennia achter de rug. Die zijn er uiteraard niet vanzelf gekomen. De hardwerkende Vlaming – burgers en politici – heeft daar verdienste aan. De versterking van zowel onze socio-economische bevoegdheden als de Vlaamse culturele identiteit kenden een zelden geziene maatschappelijke return.

Zelf had ik het voorrecht om hier sinds 1981 ononderbroken aan te kunnen meewerken. Als kabinetsadviseur, als volksvertegenwoordiger, als Vlaams parlementslid en als minister in onze Vlaamse regering.

Wie mij kent, weet dus dat mijn hart in Vlaanderen ligt. Dat Vlaanderen voor mij nooit een wachtkamer, een reservebank  of een interimjob zal zijn.

De Vlaamse huis- tuin en keukenpolitiek, waar sommigen soms smalend over doen, rààkt de mensen. Omdat het om de echte dingen des levens gaat: je familie, je huis, je job, de school, het verkeer, de zorg voor kinderen en ouderen…. Alleen al daarom verdient Vlaanderen onze onverdeelde aandacht en ons onvoorwaardelijk engagement.

Dames en Heren,

Ik durf te stellen dat er het voorbije decennium goed werk is geleverd in Vlaanderen. Het aantal beleidsmaatregelen met een hoog maatschappelijk en economisch rendement, is haast niet te tellen.

De Vlaamse regering is en blijft een investeringsregering. We investeren massaal in wegen, havens, scholen, sportaccommodaties, rustoorden en ziekenhuizen.

Het onderwijs, cultuur en de welzijnssector kregen een nooit geziene financiële injectie. Het woningbezit steeg spectaculair en zowel in het onderwijs- als in het inburgeringsbeleid telt niet langer je afkomst maar wel je toekomst.

En ver weg van alle spotlights, werkten we elke dag verder aan gezonde overheidsfinanciën. Stevige fundamenten waarop een expansief beleid kan worden uitgebouwd zonder een hypotheek te leggen op de toekomst. Integendeel.

Het resultaat oogde eind 2008 vertrouwenswekkend en is ontzettend belangrijk voor de volgende generaties: Vlaanderen is volledig schuldenvrij en legde 900 miljoen euro reserves aan.

Het is dankzij deze voorzichtige begrotingspolitiek, dat wij vandaag een versnelling hoger kunnen schakelen in de financiële dossiers. Alleen dankzij onze goede begrotingstechnische reputatie kunnen wij een grootschalige financieringsoperatie zoals vandaag werd bekendgemaakt, doeltreffend en snel voltrekken.

Sommigen willen vandaag echter nog verder gaan en pleiten, onder het mom van de economische crisis, ronduit voor deficit spending. Ik blijf evenwel pleiten voor een sobere en slanke overheid die, zoals wijlen Frans Grootjans het ooit zei, niet boven haar stand leeft. Wij mogen immers nooit vergeten dat de schulden van vandaag, de belastingen van morgen worden.

Daarom kozen we in Vlaanderen, met in het achterhoofd de nog steeds loodzware fiscale druk en torenhoge schuldenberg van het Belgische staatsbestel, resoluut voor “slimme lastenverlagingen”.

De jongste 10 jaar voerden we voor maar liefst 8,7 miljard euro aan belastingverlagingen door: van afcentiemen op de personenbelasting, het afschaffen van het Kijk- en Luistergeld, over de verlaging van registratie-, schenkings- en successierechten, tot diepgaande hervormingen op het gebied van de onroerende voorheffing voor burgers en bedrijven.

De kers op de taart is natuurlijk de Vlaamse jobkorting. Die komt volgende maand op kruissnelheid en zorgt ervoor dat iedere werkende Vlaming 250 of 300 euro extra koopkracht krijgt.

Werken wordt opnieuw beloond ! En dat is essentieel, zeker in deze economisch moeilijke tijden. Dat heeft men ook in de rest van de wereld begrepen.

Vrienden, ik zou niet durven denken dat de nieuwe president van Amerika zijn inspiratie in Vlaanderen haalt … maar toen ik vernam dat hij een “equal tax cut” (een gelijke belastingvermindering) van 500 dollar per jaar voorziet voor iedere werkende Amerikaan “om werken lonend te maken”, dacht ik spontaan: Yes, he can!

Dames en heren,

Er bestaan geen mirakelrecepten om een crisis te bezweren. Alles hangt af van onze houding en onze inzet. Van de manier waarop we zelf ons lot in handen nemen. We moeten onszelf constant in vraag durven stellen en we moeten keuzes durven maken. Vlaanderen heeft dat nodig.

Ik hanteer daarbij drie vuistregels, waaraan we het toekomstig Vlaams beleid moeten aftoetsen:

1)  We hebben vooruitgang nodig.
De wereld verandert razendsnel. Het ontbreekt ons echter vaak aan de souplesse om in te spelen op nieuwe tendensen. We moeten progressief durven zijn. Progressief in de letterlijke betekenis, ‘gericht op vooruitgang’. De boutade zegt immers dat als een grote democratie niet progressief is, ze ofwel ophoudt om groot te zijn, ofwel ophoudt een democratie te zijn.

Voor Vlaanderen betekent dit nog meer kiezen voor innovatie, onderzoek en ontwikkeling. De beste hersenen aan het werk zetten, zonder taboes of dogma’s. Dat kan alleen in een samenleving, die geld, tijd en ruimte geeft aan durvers, denkers en ondernemers.

Vooruitgang boeken vraagt ook flexibiliteit van het beleid. Met kortere besluitvorming én snellere beleidsuitvoering. Het beleidsproces gaat in Vlaanderen nog steeds teveel gebukt onder een overvloed aan consultatierondes, rapportages en plannen.
Overdaad schaadt, snoeien is de boodschap !

2)  Vlaanderen moet zelfbewuster worden
Vlaanderen is de puberteit ontgroeid, en in een volwassen Vlaanderen is geen plaats voor minderwaardigheidscomplexen. Ook niet in het institutionele debat. Zowel de institutionele vragen als de stereotype antwoorden uit het verleden, dekken niet langer de lading.

Onze houding tegenover Brussel bijvoorbeeld, die vaak nog te eenzijdig en te theoretisch is. Brussel is al vele decennia niet meer de stad waar de scheidingslijn ligt tussen Vlamingen en Franstaligen. Brussel is een metropool waar een smeltkroes van tientallen nationaliteiten een eigen dynamiek ontwikkelde. Dit biedt mogelijkheden op nieuwe vormen van samenwerking.

Ook inzake de intra-Belgische financiering zal er buiten de bestaande krijtlijnen moeten worden gedacht. We zijn in Vlaanderen klaar voor meer verantwoordelijkheid, zowel inhoudelijk als financieel.

3)  Een crisis biedt kansen om de koers definitief te wijzigen !

Elk nadeel heeft zijn voordeel. Een economische crisis kan ook een doorbraak forceren in dossiers waar de fundamenten reeds voor aanwezig zijn. In die dossiers moeten we nu de doorsteek maken naar echte verandering.

Zo’n dossier is de discussie rond het “overheidsbeslag”. Om de uitdagingen die op ons af komen aan te kunnen, hebben we immers een slagkrachtige overheid nodig. Niet alleen in Vlaanderen, maar ook op het federale en zeker en vast op het lokale niveau. Ook al hebben we elk onze eigenheid en specifieke bevoegdheden, er moet meer worden samengewerkt.

Zuinigheid, efficiëntie en effectiviteit zijn de kernwoorden.

Ik pleit dan ook voor een pact tussen de verschillende overheden van dit land om het overheidsbeslag structureel terug te dringen. Omdat de middelen én de werkkrachten beperkt zijn en efficiënt moeten worden ingezet.

Hét belangrijkste dossier waarin we een doorbraak moeten forceren, is ongetwijfeld de verzoening van ecologie én economie. Want de klimaatsverandering vormt misschien wel dé grootste uitdaging van deze eeuw.
We moeten zowel onze burgers als bedrijven, onafhankelijker kunnen maken van uitputbare fossiele brandstoffen.

Hierbij is een belangrijke rol weggelegd voor de overheid, om de noodzakelijke omgevingsfactoren te creëren en om onderzoek en innovatie te stimuleren.

Ook de markt heeft hierin een cruciale rol. Een gezonde competiviteit genereert nieuwe ideeën en zorgt voor een brede verspreiding van goede oplossingen. Economie en ecologie zijn geen tegenpolen.

Groen en groei zijn perfect verzoenbaar!

Dames en Heren,

Ik heb u van de Verenigde Staten virtueel meegenomen naar Vlaanderen. Maar ik eindig uiteraard, hier in Antwerpen.

Antwerpen, het hart van de Vlaamse economie. We moeten zorgen dat dit hart blijft kloppen. Dat kan alleen maar als ook de slagaders, de toegangswegen, openblijven. Want op het moment dat Antwerpen letterlijk stil staat, valt alles stil.

Centraal in die discussie staat uiteraard de realisatie van het Masterplan Antwerpen. Het Masterplan met de “M” van mobiel. Het plan van ruim 3,5 miljard euro dat er effectief voor moet zorgen dat Antwerpen en bij uitbreiding Vlaanderen, niet stilvalt.

U weet dat er momenteel een onafhankelijke studie lopende is die dit voorjaar meer duidelijkheid moet brengen over de Oosterweelverbinding. Ik wacht op de resultaten. Maar eens die laatste studie – in een lange rij – er is, moeten de knopen worden doorgehakt.

Met de aannemingsgroep moet op korte termijn een correcte prijs en contract worden afgesloten. De heraanbesteding van de financiering kan dan snel volgen zodat de financiële ‘closing’ in het voorjaar 2010, na het afleveren van een bouwvergunning, rond is. De werken kunnen dan snel nadien starten.
Indien echter einde maart zou blijken dat dit scenario niet haalbaar is, dringen drastische keuzes zich op. Ik ben bereid die keuzes te maken. Reflectie, advies, overleg en inspraak mogen immers geen excuses worden om niets te beslissen.

Een mogelijk alternatief bestaat er alvast in om BAM-dochter NV Liefkenshoektunnel verantwoordelijk te maken voor het sluiten van de Antwerpse ring. Het project kan dan verder geoptimaliseerd worden en in drie grote loten worden aanbesteed. De werken op de linkeroever, de bouw van een nieuwe Schelde-oeververbinding en de werken op de rechteroever met de aansluiting op de Antwerpse ring. Op deze wijze kan ook de financiering flexibeler worden aanbesteed.

In het Oosterweeldossier zal iedere burger, net zoals Roosevelt zei, aan politiek moeten doen en objectief de voor- en nadelen afwegen. Iedereen zal kleur moeten bekennen, en niet alleen de tegen- maar ook de voorstanders moeten duidelijk hun stem laten horen. Ik roep dus meer dan ooit op tot moed en daadkracht, ook al zijn zowel het tijdstip, de omstandigheden als de beslissing zelf moeilijk.

Die daadkracht is ook nodig om een aantal andere belangrijke dossiers tot een goed einde te brengen.

Ik denk aan de afbakening van het Antwerpse havengebied op zowel Linker- als Rechteroever én aan de financiering van de Deurganckdoksluis als tweede ontsluiting van de Waaslandhaven. Maar ook aan het ruimtelijk verankeren van de tweede havenspoorontsluiting én het uittekenen van de Nx als nieuwe oost-westverbinding met het havengebied.

Kortom, er is geen tijd om stil te staan bij het verleden. Er moet met vereende krachten gebouwd worden aan de toekomst. Ook in andere dan de zogenaamde klassieke sectoren.
Met de vernieuwing van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten én het finaliseren van het masterplan voor de bouw van een congrescentrum rond de Koningin Elisabethzaal.

Maar ik denk zeer zeker ook aan dat ander Antwerps dossier dat onze Metropool al sinds de kater van Euro 2000 in de ban houdt: de droom, de wens, de wil om een modern nieuw Antwerps voetbalstadion te realiseren.

Wat sportief tot op de dag van vandaag nog niet is gelukt, werd politiek al wel tot een goed eind gebracht: Antwerp United!

Samen met het Antwerpse triumviraat Patrick, Ludo en Mark –én in nauw overleg met Kris en Kathleen – zijn we er alvast ruimtelijk in geslaagd om alle neuzen in dezelfde richting te laten wijzen: namelijk richting Petroleum-Zuid.
Dames en Heren,
Beste Vrienden,

Als begrotingsminister en minister van Ruimtelijke Ordening  bezette ik de voorbije tien jaar een sleutelpositie in de Vlaamse regering. Een positie die me toeliet om Antwerpen mee uit het  diepe dal te trekken van decennialange desinvesteringen. We investeerden op grote schaal en zullen ook de volgende jaren blijven investeren om onze metropool op het “juiste spoor” te zetten in deze 21ste eeuw.

Hiervoor heb ik tijdens de voorbije jaren de mij toebedeelde talenten maximaal gebruikt. Dat wil ik blijven doen. Samen met jullie wil ik verder bouwen aan een nieuwe gouden eeuw voor Antwerpen.

Vlaanderen, Antwerpen, jullie mogen op mij rekenen!

Ik dank U

donderdag 22 januari 2009

rapport-van-mechelen.jpg

rapport-van-mechelen-ii.jpg

vp-banner.jpg

wijzers-banner.jpg

Kort nieuws

  • Samen klinken op een succesvol 2009 (04 jan 2009)
  • Stad Antwerpen volgt Dirk Van Mechelen en sloopt Viaduct Noorderlaan (08 dec 2008)
  • Architect Jo Crepain staat centraal tijdens Open Monumentendag in Kapellen (03 sep 2008)
  • Dirk huldigt nieuwe Belgische kampioen Jumping (31 aug 2008)
  • Vlaams minister Dirk Van Mechelen reikt de Vlaamse Wapenbrieven uit (07 jul 2008)